In het Vlaamse onderwijs bestaan er verschillende verslagen die aangeven welk traject een leerling volgt en welke ondersteuning daarbij hoort. Een helder overzicht:
Verslag - Gemeenschappelijk Curriculum (GC)
- Wat: De leerling volgt het gewone leerplan, net zoals andere leerlingen, maar met ‘redelijke aanpassingen’.
- Doel: Realisatie van de gemeenschappelijke doelen en een normaal diploma of getuigschrift.
- Ondersteuning: Via het zorgbeleid van de school; het CLB kan leersteun aanvragen.
- Inschrijving: Direct en definitief, geen 60-dagen-termijn
Wat staat er in een GC-verslag?
- Identificatie van de leerling
Naam, geboortedatum, school, enz. - Verslag van de zorggeschiedenis
Wat is er al geprobeerd? Welke hulp kreeg je kind in de klas, via ondersteuning, zorgcoördinatie, enz.? - Diagnose en noden
Welke ontwikkelingsstoornis of specifieke onderwijsbehoeften zijn vastgesteld (bv. autismespectrumstoornis, leerstoornis, gedragsstoornis…)? Dit deel komt meestal van een multidisciplinair team (CLB of extern). - Advies van het CLB
Waarom is buitengewoon onderwijs of een bepaald type ondersteuning nu aangewezen? - Het type
Het verslag vermeldt het type buitengewoon onderwijs of ondersteuningstype.
Meer info over de verschillende types vind je op volgende website: https://www.vlaanderen.be/onderwijs-en-vorming/ondersteuning-en-begeleiding-voor-leerlingen-cursisten-en-studenten/basis-en-secundair-onderwijs/leersteun-voor-leerlingen-met-specifieke-onderwijsbehoeften
Verslag - Individueel aangepast curriculum (IAC)
De leerling volgt leerdoelen op maat — aangepast aan zijn of haar mogelijkheden. De leerling wijkt structureel af van het gemeenschappelijk curriculum.
- Ook opgemaakt door het CLB, na overleg met ouders en school wanneer het duidelijk is dat de leerdoelen van het gewone curriculum niet haalbaar zijn. Er is dus nood aan een individueel traject.
- De leerling blijft in het gewoon onderwijs, maar volgt een aangepast leertraject.
Een IAC geeft de leerling ook recht om aan te melden voor buitengewoon onderwijs. - De doelen, aanpak en evaluatie worden afgestemd op de leerling.
- Er is een risico dat het getuigschrift lager onderwijs niet automatisch behaald wordt.
Wat staat er in een IAC?
- Beschrijving van de leerling en context
Wie is het kind? Wat zijn de sterktes, interesses, moeilijkheden? - Doelen op maat
De gewone leerplandoelen worden vervangen door haalbare doelen — afgestemd op wat je kind wél aankan. - Didactische aanpak
Hoe wordt je kind begeleid? Wat heeft hij/zij nodig qua instructie, tijd, materiaal, tempo, enz.? - Evaluatieafspraken
Hoe wordt er geëvalueerd? Niet met standaardtoetsen, maar via aangepaste criteria en observaties. - Afspraken rond samenwerking en opvolging
Wanneer wordt het IAC geëvalueerd of bijgestuurd? Wie is verantwoordelijk? - Het type
Het verslag vermeldt het type buitengewoon onderwijs of ondersteuningstype.
Meer info over de verschillende types vind je op volgende website: https://www.vlaanderen.be/onderwijs-en-vorming/ondersteuning-en-begeleiding-voor-leerlingen-cursisten-en-studenten/basis-en-secundair-onderwijs/leersteun-voor-leerlingen-met-specifieke-onderwijsbehoeften
Verslag - Opleidingsvorm 4 (OV4)
- Wat: Dit is een verslag enkel voor in het secundair onderwijs. Het is een officieel document in het Vlaamse onderwijs dat aantoont dat een leerling het gewone secundaire curriculum kan volgen, maar intensieve, gespecialiseerde ondersteuning nodig heeft om dat te kunnen doen.
- Doel: De leerling blijft in het gewoon onderwijs, maar met structurele, intensieve ondersteuning vanuit een leersteuncentrum om inclusie te bevorderen.
- Alternatief: Het is een alternatief voor het IAC-verslag (Individueel Aangepast Curriculum) en het GC-verslag (Gemeenschappelijk Curriculum).
- Verbinding: Het kan leiden tot een overstap naar het buitengewoon secundair onderwijs (buso) opleidingsvorm 4.
Hoe werkt het?
- Inschrijving: Voorlopige inschrijving in het gewoon onderwijs, ‘onder ontbindende voorwaarde’.
- Zorg/Begeleiding: Ouders, school en CLB bekijken samen of de school de nodige zorg kan bieden. Het OV4-verslag garandeert leersteun.
- Handelingsplan (HPW): Een cyclisch proces (beginsituatie, doelen, voorbereiding, uitvoering, evaluatie) wordt opgesteld door het leersteuncentrum.
- Evaluatie: Na een periode (+/- 60 dagen) beslist men of de leerling het curriculum aankan met de ondersteuning, of dat een overstap naar buso OV4 of een ander traject nodig is.
Wat staat er in een OV4-verlsag?
- Identificatie van de leerling
Naam, geboortedatum, school, enz. - Verslag van de zorggeschiedenis
Wat is er al geprobeerd? Welke hulp kreeg je kind in de klas, via ondersteuning, leerlingbegeleiding, enz.? - Diagnose en noden
Welke ontwikkelingsstoornis of specifieke onderwijsbehoeften zijn vastgesteld (bv. autismespectrumstoornis, leerstoornis, gedragsstoornis…)? Dit deel komt meestal van een multidisciplinair team (CLB of extern). - Advies van het CLB
Waarom is buitengewoon onderwijs of een bepaald type ondersteuning nu aangewezen? - Het type
Het verslag vermeldt het type buitengewoon onderwijs of ondersteuningstype.
Meer info over de verschillende types vind je op volgende website: https://www.vlaanderen.be/onderwijs-en-vorming/ondersteuning-en-begeleiding-voor-leerlingen-cursisten-en-studenten/basis-en-secundair-onderwijs/leersteun-voor-leerlingen-met-specifieke-onderwijsbehoeften
Hoe krijgt een traject vorm op school?
Zodra een leerling een verslag heeft (komt er via het CLB), komt er op school een samenwerking op gang om het traject van de leerling concreet te vertalen naar de klaspraktijk. Dat gebeurt via deze stappen:
Afstemmingsgesprek tussen leerkracht en ondersteuner
De leerling wordt geobserveerd en de leervragen van de leerkracht worden in kaart gebracht.
Startoverleg met alle betrokkenen (= planningsgesprek)
Na de opmaak van een verslag organiseert de school een overleg met:
- Ouders
- Klastitularis of vakleerkrachten
- Zorgcoördinator of leerlingbegeleider
- Leersteuncentrum (de leerondersteuner)
- Eventueel ook CLB
Doel: samen kijken wat de leerling nodig heeft in de klas, en wie wat opneemt.
Opstellen van een trajectfiche
Er wordt een fiche door de leerondersteuner gemaakt met daarin:
- Sterktes en behoeften van de leerling
- Ondersteuningsfocussen en doelen
- Afspraken over redelijke aanpassingen
- Taakverdeling (leerkracht, leerondersteuner, zorg, ouders…)
Belangrijk is om hierbij na te denken over welke doelen haalbaar zijn, wat het kind nodig heeft om deze doelen te bereiken en welke aanpassingen daarvoor nodig zijn in de klaspraktijk.
Samenwerking met het leersteuncentrum
De leerondersteuner in praktijk, ondersteunt:
- De leerkracht in het omgaan met de specifieke noden
- Het team bij het opstellen van een plan
- Het kind zelf (gericht en tijdelijk)
De leerondersteuner werkt niet in de plaats van de leerkracht, maar samen mét.
Overleg en opvolging
Tijdens het schooljaar is er regelmatig overleg tussen school, ouders, CLB en leerondersteuners:
- Worden de doelen bereikt?
- Moet het plan bijgestuurd worden?
- Is de aanpak haalbaar en effectief?
Doel: maximale groei voor het kind
Een verslag is geen eindpunt, maar een vertrekpunt voor onderwijs op maat. De bedoeling is:
- Het kind kan leren en groeien op zijn of haar tempo.
- Het welbevinden en zelfvertrouwen versterken.
- Met vertrouwen samenwerken. Als ouders sta je niet aan de zijlijn, maar ben je een gelijkwaardige partner in het traject van je kind.
Hoe moet je zo een verslag als ouder interpreteren?
Wanneer je als ouder een verslag krijgt, kan het soms ingewikkeld lijken. Daarom geven we je een korte gids om het document stap voor stap te begrijpen. Zie het verslag als een hulpmiddel niet als een label.
Bekijk eerst de basisgegevens
- Klopt de naam en leeftijd van je kind?
- Wanneer is het verslag gemaakt?
- Wie maakte het verslag? (het CLB)
Wat staat er over de noden van je kind?
- Welke moeilijkheden worden benoemd?
- Wat zegt het verslag over hoe deze noden het leren en het gedrag beïnvloeden?
- Vraag uitleg als er moeilijke woorden staan.
Check welk soort verslag het is
- GC (Gemeenschappelijk Curriculum)
- IAC (Individueel Aangepast Curriculum)
- OV4 (Opleidingsvorm 4 – enkel secundair)
Lees welke ondersteuning en aanpassingen er zijn
- Welke hulp krijgt je kind op school? (extra tijd, hulpmiddelen, individuele begeleiding…)
- Zijn er afspraken over hoe de school met je kind omgaat?
- Hoe wordt het leerproces en de vooruitgang gevolgd?
Wat betekent dit voor jou en je kind?
- Begrijp je waarom deze aanpak gekozen is?
- Voel je je betrokken bij de afspraken?
- Vraag je af: helpt dit mijn kind om beter te groeien?
- Aarzel niet om vragen te stellen aan de school of het CLB als iets onduidelijk is. Je staat er niet alleen voor!
Blijf in contact
- Een verslag is niet iets vaststaand, het wordt regelmatig besproken en aangepast.
- Zorg dat je mee kan praten over de voortgang en eventuele veranderingen.
Tips bij het bekijken van het IAC-plan:
- Begin met de doelen
Wat leert mijn kind precies dit jaar? Waarop ligt de focus? Zijn die doelen realistisch én betekenisvol voor hem/haar? - Check de aanpak
Welke aanpassingen worden gedaan in de klas? Is dit haalbaar voor mijn kind? Wat merk ik daar zelf van? - Wees betrokken
Een IAC is een samenwerkingsdocument. Als ouder mag je meebeslissen, vragen stellen en voorstellen doen. - Blijf opvolgen
Een IAC is geen vast document — het wordt regelmatig herbekeken. - Weet wat het betekent voor het rapport en het attest
Een kind met een IAC krijgt op het einde van de lagere school niet automatisch hetzelfde getuigschrift. De school volgt een eigen traject, dat wél gericht is op maximale groei.
Wil je graag nog meer weten over de ondersteuning en begeleiding in het onderwijs? Neem dan zeker een kijkje op de website van de overheid.